Box 3 in 2026: vrijstelling, percentages en voorbeeld
Box 3 in 2026: heffingsvrij vermogen € 59.357, voorlopige rendementen, 36% tarief, werkelijk rendement en de plannen voor 2028.
Bijgewerkt:
Box 3 in 2026
In box 3 betaalt u belasting over inkomen uit sparen en beleggen. Sinds 2023 rekent de Belastingdienst volgens de Overbruggingswetgeving met een fictief (forfaitair) rendement per soort vermogen. Is uw werkelijke rendement lager? Dan kunt u dat laten zien.
De cijfers voor 2026
- Heffingsvrij vermogen: € 59.357 per persoon, € 118.714 met fiscale partner.
- Banktegoeden en spaargeld: 1,28% (voorlopig).
- Beleggingen en andere bezittingen, zoals aandelen, crypto of een tweede woning: 6,00% (staat vast).
- Schulden: 2,70% (voorlopig), na een schuldendrempel van € 3.800 per persoon.
- Tarief: 36% over het berekende voordeel.
- Peildatum: de waarde van uw vermogen op 1 januari 2026.
De percentages voor banktegoeden en schulden stelt de Belastingdienst begin 2027 definitief vast. Uw uitkomst kan daardoor nog iets veranderen.
Rekenvoorbeeld
Stel: u bent alleenstaand en hebt op 1 januari 2026 € 80.000 spaargeld en € 40.000 aan beleggingen, zonder schulden.
- Rendement spaargeld: € 80.000 × 1,28% = € 1.024
- Rendement beleggingen: € 40.000 × 6,00% = € 2.400
- Totaal rendement: € 3.424 over een vermogen van € 120.000
- Grondslag na heffingsvrij vermogen: € 120.000 − € 59.357 = € 60.643
- Belastbaar voordeel: € 3.424 × (€ 60.643 / € 120.000) = ongeveer € 1.730
- Box 3-belasting: 36% × € 1.730 = ongeveer € 623
Werkelijk rendement (tegenbewijs)
Was uw werkelijke rendement lager dan het fictieve rendement? Dan kunt u uw werkelijk rendement doorgeven. Vanaf belastingjaar 2025 doet u dat in uw aangifte inkomstenbelasting. Volgens de Belastingdienst betaalt u daardoor nooit meer dan met het fictieve rendement: zij gebruiken de berekening die voor u het voordeligst is. Bij werkelijk rendement telt het heffingsvrij vermogen niet mee en rekent u ook ongerealiseerde koerswinsten mee. Het loont dus vooral bij spaargeld met een lage rente of bij beleggingen die slecht presteerden.
Wat verandert er vanaf 2028?
Het kabinet wil per 1 januari 2028 belasting heffen over het werkelijke rendement (Wet werkelijk rendement box 3). De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel aangenomen. Volgens de Rijksoverheid moet de Eerste Kamer het nog behandelen (stand op 17 oktober 2026). Het is dus nog niet zeker of en in welke vorm de wet ingaat.
Gerelateerd
- Tarieven voor inkomen uit werk: belastingschijven-2026.
- Kortingen op uw belasting: heffingskortingen-2026.
Disclaimer
Deze gids is indicatief en geen belastingadvies. Bedragen zijn afgerond en gaan uit van een vereenvoudigde situatie. Twijfelt u over uw eigen situatie? Raadpleeg de Belastingdienst of een belastingadviseur.
Deze tekst is geschreven met hulp van AI en door een mens gecontroleerd aan de hand van de genoemde bronnen (peildatum 17 oktober 2026).
Bronnen
- Belastingdienst, Hoe is het box 3-inkomen op mijn voorlopige aanslag 2026 berekend?: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/berekening-box-3-inkomen-2026
- Belastingdienst, Heffingsvrij vermogen: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/heffingsvrij-vermogen
- Belastingdienst, Box 3: uitleg en tarieven: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/belastingdienst/prive/inkomstenbelasting/heffingskortingen_boxen_tarieven/boxen_en_tarieven/box_3/box_3
- Belastingdienst, Berekening box 3-inkomen met fictief rendement: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/berekening-box-3-inkomen-fictief-rendement
- Rijksoverheid, Plannen kabinet voor heffing op werkelijk rendement in box 3: https://www.rijksoverheid.nl/themas/werk/inkomstenbelasting/plannen-werkelijk-rendement-box-3